CP-Starter: ‘Van de praktijk, naar de praktijk’
Onze methodiek ‘Van de praktijk, naar de praktijk’ gaat ook bij de CP–Starter uit van een logische opbouw met de volgende kenmerken:
- Van receptief naar productief: eerst kennis activeren, kijken naar foto’s en luisteren, later zelf gaan spreken
- Van binnenschools naar buitenschools: eerst in het klaslokaal oefenen en later in de eigen omgeving en buiten
- Van gestuurd naar ongestuurd: eerst dialogen naspreken en toewerken naar vrije simulatieopdrachten
De opbouw van de CP-Starter in zeven stappen.
Een thema behandelt een CP en één of meerdere CH’s binnen de betreffende CP.
Stap 1
Kennis activeren
Aan de hand van foto’s (colour cards) en gespreksvragen activeert de docent de kennis die nodig is om het verhaal bij de foto’s en de context te begrijpen. Door het gesprek dat ontstaat bij het beantwoorden van de vragen van de docent wordt niet alleen kennis, maar ook de woordenschat over het desbetreffende onderwerp geactiveerd.
Stap 2
Begrijpend luisteren/ het fotoverhaal
De cursisten luisteren globaal naar de audio-cd naar het verhaal bij de foto’s en kijken daarbij op hun eigen fotoblad.
Stap 3
Globaal luisteren/ het gesprek
De cursisten luisteren naar een dialoog op niveau A1 bij het fotoverhaal.
Stap 4
Woorden trainen
Een aantal nieuwe woorden uit het fotoverhaal en de dialoog worden beluisterd en kunnen worden nagesproken. Er zijn pauzes op de cd opgenomen.
Stap 5
Luisteren en de zinnen nazeggen
De dialoog wordt weer beluisterd en hele antwoordzinnen kunnen worden nagezegd.
Deze stap kan als huiswerk worden meegegeven.
Stap 6
Luisteren en spreken
Voor de derde maal luistert men naar de dialoog, maar na de vraag formuleert men nu zelf een antwoordzin. Aan de hand van een controlezin kan men horen of men dat goed heeft gedaan.
Stap 7
Vrij spreken
Bij iedere les in het specifieke deel worden suggesties gedaan om het vrij spreken te bevorderen.
De docent kan hier kiezen uit
•een rollenspel spelen en deze situatie naspelen
•een rollenspel spelen en een andere situatie naspelen
•naar de films Burgerschap uit de CP-Trainer kijken
•met uw cursisten naar een locatie gaan of vragen naar ervaringen
•een buitenschoolse opdracht uitvoeren
Buitenschoolse opdrachten
In het materiaal bevinden zich 10 buitenschoolse opdrachten. Deze kan de docent introduceren en laten uitvoeren en vervolgens nabespreken. De cursist wordt aangespoord tot doe-opdrachten waarbij ze iets moeten halen bij de verschillende instanties ( informatie, folders ). Na de opdracht kunnen ze het “bewijs” in hun (taal)portfolio doen.